Harry, gewoon Harry (Deel 5) (willekeurige variant op een parabel)

 

max

Wat en hoe Harry ook probeert, hij krijgt zijn ogen niet scherpgesteld op het oranje licht van de wekkerradio. Dag kan het nog niet zijn, want het is nog donker buiten. Slaapdronken onderneemt hij een nieuwe poging om te zien hoe laat het is. De cijfers blijven vaag en werpen een oranje schijnsel over het nachtkastje. ‘God, ja,’ denkt Harry: ‘ik doe er nog wat heerlijk vergeetachtige slaap bovenop!’

Hij hoopt verder te dromen van de krakers in zijn huis aan zee, en hoe hij hartelijk de sleutels overhandigt. “Hier, alsjeblief, blijf gerust zolang jullie nodig achten. Ik haal straks nog wat te eten voor in de koelkast, zodat er iets te eten is.”

Badplaatsbewoners klampen hem langs alle kanten aan in de supermarkt en vragen of hij nu helemaal gek geworden is. “Vreemdelingen onderdak geven, hoe is dat nu in godsnaam mogelijk?” Iemand gooit een ei naar zijn hoofd. En nog een. “Idioot. Ellending! Apen-lover! Terroristen-vriend! We maken je kapot!”

En dat ze de burgemeester gaan verwittigen, ook dat moet doorgaan als dreigement. Harry haalt gewoon de schouders op. Zelfs een derde ei raakt zijn koude kleren niet. Hij vraagt zich wel af waar hij en Samia precies met hun gedachten zaten toen ze hier destijds een wansmakelijk dure lap grond kochten op een steenworp van het Zwin.

Een vervolg dromen lukt Harry niet. Hij stapt gewoon in een andere droom. Een heerlijke droom. Een ongewoon mooie droom. De droom is van zwart en wit, en toch zijn er kleuren. Het beeld voelt akelig vertrouwd aan.

De dijk staat vol met voertuigen die net niet synchroon blauwig licht op het strand werpen. Boven de dreigende zee draait een helikopter rondje na rondje. Max, de hond, wacht op het strand. Opgelaten. Tong uit de mond. Schuldige ogen. De zon komt op. En de bundel licht die vanuit de helikopter naar een teken van leven speurt neemt af in kracht.  Op de dijk gaan de kopjes naar beneden en hier en daar wordt er al van neen geschud.

Harry, voelt hoe het koude water hem verlamt. Op de dijk ziet hij Samia en Tim. Harry laat los. Dat mag nu.

“Ik hou van jullie,” roept hij nog, maar de draaiende rotorbladen van de helikopter versmachten zijn woorden. Alleen Max lijkt ze te horen. Onrustig kermend loopt hij over en weer op het strand. Harry zakt opgelucht naar de bodem. Tim leeft nog. Zo hoort het. Zo is het goed.

klik hier voor deel 6

terug naar deel 4

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertisements

5 thoughts on “Harry, gewoon Harry (Deel 5) (willekeurige variant op een parabel)

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s